Dalerveen 27 mei 2019 door Rensje Plantinga

Zolang men zich kan heugen is er in Dalerveen een lagere school geweest. Vanaf 1806 is het zeker. Dan wordt de school in Dalerveen genoemd in de rapporten die schoolopziener C.Pothof publiceerde in het vakblad Bijdragen ter bevordering van het onderwijs en de opvoeding, voornamelijk met betrekking tot de lagere school in Holland.”

 

Vanaf die tijd is er controle op de kwaliteit van het onderwijs, moeten leerkrachten over bepaalde kennis beschikken en zitten de kinderen in betere onderkomens dan in de 17de eeuw. In de 17de eeuw waren de schooltjes soms gebouwd van houten staken, waarin men stro had gevlochten en dit dan met leem dicht gestreken had.In de muren waren òf kleine ramen òf men had enkele ruiten in de leem vastgedrukt. Er werden zelfs scholen gevonden met alleen ronde gaten, die men tijdens de schooltijd dicht stopte met stro of heide. De gebouwen waren met stro bedekt. De kinderen zaten op palen of balken rond de schoorsteen. Het rookte in alle scholen zo geweldig , dat de deur altijd moest openstaan. De meeste scholen hadden ook geen tafels of andere meubels, behalve een lessenaar van de meester.

 

Hoe onze school er in die tijd uitzag weten we niet. Uit de tijd van meester A. Kuipers en W. Kuipers is er niets bekend over de school. In het rapport van C. Pothof is wel te lezen: “Als ik een andere functie vervulde zou ik toch sterk aanraden een nieuwe school te bouwen”. In 1821 werd de school dan ook verbouwd tot deze meer acceptabel was om les te geven en in 1838 kwam er uiteindelijk een nieuwe school.

 

Meester Harm Meppelink werd in 1830, op 23 jarige leeftijd, aangesteld als hoofd van de school in de “Hanebietershoek”.

Meester Meppelink blijft zijn hele loopbaan in Dalerveen. Als hij in

1883 stopt met lesgeven heeft hij ruim 50 jaar voor de klas gestaan en wordt hij beloond met een zilveren medaille voor trouwe schooldienst. Ook krijgt hij als cadeau een atlas. In die tijd was het erg moeilijk de vacatures te vervullen en daarom heeft het waarschijnlijk tot zijn 73ste geduurd voordat  meester D. Oostergo zijn functie van hem over nam.